Onderzoek

Gepubliceerd: 11 april 2016

Samenvatting
De Noordelijke Rekenkamer heeft, zoals aangegeven in het onderzoeksprogramma 2014–2015, een onderzoek uitgevoerd naar de doorwerking van het ruimtelijke beleid van de provincies Drenthe, Fryslân en Groningen in gemeentelijke plannen. Het onderzoek heeft zich gericht op de periode 2009 tot en met 2014, dat is de periode na invoering van de nieuwe Wet op de ruimtelijke ordening (Wro) in 2008. Onderzocht is hoe de provincie met de beschikbare Wro-instrumenten ervoor heeft gezorgd dat provinciale ruimtelijke belangen op een juiste wijze doorwerken in gemeentelijke ruimtelijke plannen.

Instrumenten
Provinciale Staten formuleren provinciale ruimtelijke belangen die gerelateerd zijn aan verschillende beleidsthema’s, zoals natuur, landschap en infrastructuur. De provinciale belangen zijn dikwijls ruim geformuleerd – bijvoorbeeld ‘ruimtelijke kwaliteit’, ‘open landschap’, ‘behoud en ontwikkeling van kernkwaliteiten’– wat tot interpretatieverschillen kan leiden. In de normstelling wordt regelmatig verwezen naar algemeen geformuleerde visies, waardoor de scheiding tussen visie en normstelling niet zo strikt is als was beoogd in de Wro van 2008.

Provinciale Staten kunnen een inpassingsplan opstellen voor ruimtelijke plannen die gemeentegrenzen overschrijden. Aanvankelijk aarzelden de provincies dit instrument in te zetten, maar inmiddels is het inpassingsplan geaccepteerd als doelmatig en efficiënt instrument.

Gedeputeerde Staten kunnen zienswijzen indienen tegen gemeentelijke bestemmingsplannen en omgevingsvergunningen. Wanneer de plannen zijn vastgesteld kunnen zij een reactieve aanwijzing geven en zo een deel van een gemeentelijk bestemmingsplan buiten werking stellen. Deze instrumenten zijn in de onderzoeksperiode niet vaak gebruikt. Provinciale zienswijzen gaan vooral over technische details. De provincies geven de voorkeur aan overleg met de gemeenten en zijn over het algemeen tevreden over de manier waarop gemeenten rekening houden met de provinciale ruimtelijke belangen.

De laatste optie is om tegen een vastgesteld gemeentelijk bestemmingsplan bij de rechter in beroep te gaan. De provincie Groningen deed dat 18 keer in deze periode; de provincies Drenthe en Fryslân geen enkele keer.

Doorwerking
Om de uitbreiding van agrarische bebouwing ruimtelijk in te passen hebben de drie provincies een vergelijkbare methode ontwikkeld waarbij experts en initiatiefnemers ‘keukentafelgesprekken’ voeren over onder andere kleur- en materiaalgebruik, nokhoogte en erfbeplanting (landschappelijke inpassing). De Rekenkamer constateert dat deze methode (nog) vrijblijvend is. In de praktijk blijkt tevens dat het toezicht op het uitvoeren van het landschappelijke inpassingsplan nog te wensen overlaat. Provinciale Staten worden hierover niet vanzelfsprekend geïnformeerd.

U kunt het volledige rapport, de nota's van bevindingen en het onderzoeksplan downloaden bij het tabblad downloads 

Planning

Het Bestuurlijk Rapport Doorwerking provinciaal ruimtelijk beleid is op 11 april 2016 gepubliceerd.

 

Onderzoek Nota van bevindingen Hoor & wederhoor Publicatie

 

Contactpersonen

Dit onderzoek wordt o.a. uitgevoerd door:

Jappie van den Bergs

Haedewych van Kampen 

Voor meer informatie over dit onderzoek kunt u zich tot hen wenden.

  

 

Over de Noordelijke Rekenkamer

De Noordelijke Rekenkamer is een onafhankelijk orgaan dat  de doelmatigheid, doeltreffendheid en rechtmatigheid onderzoekt van het door de provincies Drenthe, Fryslân en Groningen gevoerde beleid. 

Neem contact op

Noordelijke Rekenkamer
Dr. Nassaulaan 5
9401 HJ  Assen

0592 30 47 90

Noordelijke Rekenkamer op Twitter